Ondersteuning trapsgewijs

Het uitgangspunt van de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) is dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen en meedoen in de samenleving. De Wmo regelt dat mensen met een beperking, die dit niet of niet geheel op eigen kracht of met hulp van hun directe omgeving kunnen, ondersteuning krijgen. De gemeente is verantwoordelijk voor de uitvoering van deze wet.

U ontvangt de zorg of ondersteuning die past bij uw situatie en is altijd aanvullend op de mogelijkheden van uzelf en uw omgeving. 

 

Schematisch uitgebeeld:

  • Onderaan de zorgvrager die dat wat hij of zij nog zelf kan, ook zelf moet doen.
  • Als de zorg- of ondersteuningsvraag te groot wordt, is de volgende stap dat een naaste (mantelzorger) hulp gaat bieden. Dat kan een partner, ouder, kind, buur of goede vriend(in) zijn.
  • Als er geen mantelzorger is of deze volledig overbelast raakt, is de volgende stap dat een familielid of kennis uit de kring van bekenden deze zorg en ondersteuning op zich neemt.
  • Als dat onvoldoende of onmogelijk blijkt, is de volgende stap dat vrijwillige hulp / informele zorg vanuit organisaties ingezet kan worden.
  • En als dat niet langer toereikend is, is de volgende stap dat formele zorg ingezet kan worden. Maar daarvoor moet u wel een indicatie aanvragen bij de afdeling Wmo van de gemeente Assen. Wist u trouwens dat mantelzorgondersteuning daar ook onder valt. Eerst wordt er dan gezocht naar een algemene voorziening en als deze niet passend is, ontvangt u individueel maatwerk.